Fokbeleid Europese Arabo-Friezen Vereniging
Deze fokkerij steunt op enkele belangrijke punten en volgens bepaalde structuren:
1. Een Fokdoel, dat aangeeft op een hoog niveau sportpaarden te willen fokken.
Dit wordt aangemoedigd door aan veulens met een hoge verwachtingswaarde het voorlopig sportcertificaat toe te kennen, dat later tot een definitief sportcertificaat kan omgezet worden. Hengsten worden bij voorkeur genomen uit families, waar veel sportcertificaat in voorkomt, dus met een zekere garantie voor prestatieaanleg.
Dit is de top van de fokkerij, zowel vwb de hengstenmoeders als de hengsten zelf.
Verder staat in het fokdoel ook beschreven de uitvoerig beschrijving van bouw, type, gangen, karakter, maar ook de fouten, die stamboek opname niet mogelijk maken.
2. Het Fokplan geeft vervolgens alle stappen aan hoe dit bereikt kan worden in de praktijk.
3. Selectiecriteria
Aangezien voor de merries geen andere selectie mogelijk is als het aanmoedigen op prestatie te fokken middels het Sportcertificaat, wordt de selectie vooral toegespits op de selectie van dekhengsten.
Dit gebeurt op basis van genetische analyse, (telt mee voor 40%) en physieke kenmerken (60%), dit alles op een puntensysteem, waarbij in geen enkel onderdeel minder als 5,5 gescoord mag worden.
Maar het belangrijkste zijn de prestaties: De hengst moet een absoluut prestatierijke afstamming hebben, zowel van vaders' als van moeder's kant, waarbij in de moederkant de genetische kwaliteiten ook meetellen, niet alleen de werkelijke prestaties. Immers niet ieder friezenliefhebber is in de gelegenheid zijn paard uit te brengen in de sport!. Na goedkeuring moet de hengst echter nog wel bewijzen, dat hij wel degelijk kan presteren, of 3 van zijn nakomelingen moeten zich op hoog niveau in een of andere tak van (top)sport in de praktijk bewijzen en wel op het niveau dat als maximum wordt vastgelegd door de FEI.
Deze criteria per leeftijd zijn vastgelegd in het Foktechnisch reglement.
Tenslotte moeten de producten van voldoende kwaliteit en zonder gebreken zijn.
Op basis van al deze criteria wordt beslist door het bestuur of een hengst toegelaten wordt, gehandhaafd wordt of de deklimiet verlaagd wordt of de hengst zelfs op wacht gezet wordt.
4. Deklimieten
Aangezien we de selectiecriteria ontlenen uit de prestatie in de praktijk van de sport zelf, hebben we een directe koppeling gemaakt tussen prestatieniveau en de mate waarin de hengst in de fokkerij ingezet kan worden.
Eenmaal een hengst gekeurd wordt, zal dus een deklimiet opgelegd worden naarmate we meer of minder kennen van de prestaties van zijn naaste familieleden en hoe hij zelf of zijn producten in de sport presteren.
Ook het % Arabisch bloed heeft hierop invloed.
5 Registratie richtlijnen
Om de structuur van de fokkerij vast te houden zijn duidelijke criteria gesteld voor opname in een hoofdboek, een bijboek I en een bijboek II, naarmate het product afstamt van een hengst en merrie, die dichter bij of verder van het fokdoel af ligt.
De Europese Arabo-Friezen Vereniging onderhoudt nauwe contacten met alle stamboeken die deze paarden willen registreren om hierin uniformiteit te behouden en om tevens de garantie te geven aan fokkers van Arabo-Friezen, dat ze nieuw aangekochte paarden van een fokker bij een ander stamboek in een gelijkwaardig boek kunnen laten overschrijven in ons eigen stamboek of het stamboek van hun keuze.